|
Studentikoziteit
'We zullen u mores leren!' Dat is het einde van de jaarlijkse mores-rede. De mores maken een onderdeel uit van de vierde pijler van ons dispuut: studentikoziteit, een onderscheidend element van de grijze burgerij. Mores (gebruiken en ongeschreven regels) worden tijdens de eerste dispuutsmaaltijd van het jaar voorgelezen om ze bij een ieder in de oren te knopen. De mores gelden op alle formele activiteiten van Yir'. Voorbeelden hiervan zijn maaltijden, HV’s (Huishoudelijke Vergadering; hier denken en praten we met elkaar over het reilen en zeilen van de vereniging) en lezingen. Bij mores moet je denken aan aanspreekvormen als: amice voor het mannelijk geslacht en amica voor het vrouwelijk schoon. Een artikel of brief sluit u met 'amicaliter' of 'met amicale groet'. Ook tijdens maaltijden gelden mores. De tafelpraeses heeft de leiding over de tafel en zorgt ervoor dat de maaltijd en de gesprekken gestructureerd verlopen. Bij overige mores kunt u denken aan de dispuutsvissen, Wim en Hankie, die doorgegeven worden op verjaardagsborrels.
Verder heeft ons dispuut een groot repertoire aan liederen die op activiteiten uit volle borst aangeheven worden; zoals het dispuutslied, het landelijk lied en het 'Io Vivat' en het brallied. Ook kent ons dispuut brasacties met andere broeder- en zusterverenigingen en bestaat er een strijd om de macht van de officiële dispuutshuizen. Uiteraard valt onder deze pijler ook het diesgala, waar de oprichting van ons dispuut wordt herdacht. Met de dames in galajurken en de mannen in rokkostuums wordt een prachtig feest gehouden.
Voorts zijn er diverse studentikoze genootschappen en bewegingen actief op ons dispuut,
met ieder een eigen accent:
- Corporaal Heerengenootschap 'Ut Lex omnibus discetur': ‘Opdat de wet allen tot lering zij.’ Deze club kritische heeren heeft als doel het handhaven van de wet en de mores op het dispuut. Dit wordt gecombineerd met een vleugje corporaliteit, zoals de zwart-rode gestreepte dassen en het gebral duidelijk moeten maken.
- Charitatief heerengenootschap De Heilige Orde der Nolascoieten: De nobele broeders richten zich op het ideaal van internationale gerechtigheid. Door middel van lezingen, charitatieve activiteiten, alcoholische versnaperingen en rookwaren is niets onmogelijk.
- Groningsch Damesgenootschap 'Chapeau!': Begonnen als gezellige club van 'echte' Dames met een fles Martini in de hand, houden zij zich inmiddels ook serieus bezig met het reilen en zeilen op het dispuut.
- Groningsch Heerengenooschap Ad Fundum: “Een genootschap dat gevraagd en ongevraagd de vereniging van advies en ideeën bedient daar waar het de pijler studentikoziteit betreft en immer waakt voor burgelijke invloeden op ons mooie dispuut.”
- Literair Damesgenootschap 'Christine de Pizan': Deze dames richten zich volledig op de literatuur. Bij vragen over wereldliteratuur of poëzie kunt u bij hen altijd terecht.
- Vrouwengenootschap 'Sapienta Supremis Comis Est': ‘Vriendelijkheid is de hoogste wijsheid.’ Dit genootschap wil graag een vriendelijker dispuut krijgen en heeft deze vriendelijkheid dan ook verheven tot hoogste goed.
- De 'Ad Fontes Beweging': Een beweging die zich ontrekt aan de genootschapsstructuur en zich alleen bezighoudt met de koers van het bestuur en het dispuut. Controlerend of deze wel overeenkomt met de basis van het dispuut: de grondslag en doelen. Ad Fontes: terug naar de basis!
Tot slot zijn er ook nog allerhande gilden: breiclub Tante Trui en ontbijtgilde d'Uchtendstond vol soetheyt, geen pap.
|